Voorzitter Brave ontmoet nieuwe CEO Internet Society Global: samen koers zetten naar inclusieve standaarden

In het DoubleTree by Hilton aan het Amsterdam Centraal Station vond recentelijk een betekenisvolle ontmoeting plaats tussen Sally Wentworth, de nieuwe CEO van de wereldwijde Internet Society, en Ruben Brave, voorzitter van Internet Society Nederland (ISOC NL). Centraal in hun gesprek stonden het belang van open internetstandaarden en de noodzaak tot hernieuwd maatschappelijk engagement bij het ontwikkelen ervan.

Voortbouwend op erkenning

De ontmoeting bouwde voort op het vertrouwen en de erkenning die ISOC NL vorig jaar al ontving tijdens het jubileumevent ’25 jaar Internet Society Nederland’. In haar videoboodschap sprak Sally Wentworth lovende woorden over het Nederlandse chapter:

“Ik ben onder de indruk van de werkgroepen die jullie hebben opgericht en de vele activiteiten die jullie ondernemen. Jullie inzet voor encryptie, het bestrijden van desinformatie en de verkenning van nieuwe ideeën – zoals het ISOC NL think tank-initiatief – is buitengewoon waardevol. Jullie zijn een voorbeeld van hoe technische expertise kan samengaan met maatschappelijke betrokkenheid.”Sally Wentworth, CEO Internet Society

Deze erkenning bevestigt het belang van de Nederlandse internetcommunity binnen het mondiale ISOC-netwerk – niet alleen als technische voortrekker, maar ook als pleitbezorger van digitale mensenrechten en democratische legitimiteit.

Van standaardisatie naar representatie

Brave en de Wentworth spraken uitgebreid over hoe de invloed op internetstandaarden zich wereldwijd concentreert rond een beperkte groep actoren, met name uit de VS en China. De recente Internet Standards Almanac van mensenrechtenorganisatie ARTICLE19 laat zien hoe ongelijk de vertegenwoordiging is binnen organisaties zoals de IETF – een probleem dat ook in Nederland steeds meer aandacht krijgt. De cijfers maken zichtbaar dat grote techbedrijven en een handvol landen de boventoon voeren bij het vormgeven van de digitale infrastructuur waar iedereen afhankelijk van is.

Internet Standards Almanac: Who’s really shaping the internet? – (c) Article19

Wat zijn internetstandaarden – en waarom gaan ze jou iets aan?

Internetstandaarden zijn de technische afspraken die bepalen hoe computers, apps en netwerken wereldwijd met elkaar communiceren. Dankzij deze standaarden kun je e-mails sturen, websites bezoeken, filmpjes streamen en veilig bankieren – ongeacht welk apparaat of netwerk je gebruikt. Bekende voorbeelden zijn:

  • HTTP/HTTPS – hoe je browser met een website praat;
  • DNS – het systeem dat www.voorbeeld.nl omzet naar een numeriek Internet-adres;
  • TLS/SSL – de encryptie die je verbinding beveiligt tegen meekijkers;
  • IP en BGP – protocollen die bepalen hoe data van A naar B komt.

Zonder deze standaarden werkt het internet simpelweg niet. Maar wat veel mensen niet weten: wie deze standaarden bepaalt, bepaalt óók hoe het internet zich ontwikkelt – en voor wie.

Hoe Grote Bedrijven en landen als China hier invloed op uitoefenen

De meeste internetstandaarden worden gemaakt in internationale werkgroepen zoals de IETF (Internet Engineering Task Force). Die werken volgens het principe van “ruwe consensus en werkende code”. In theorie kan iedereen meedoen – maar in de praktijk domineren grote techbedrijven deze overleggen. Bedrijven als Google, Meta, Amazon, Apple en Microsoft maar ook Huawei leveren tientallen engineers, bepalen de agenda en publiceren het grootste deel van de nieuwe standaarden.

Waarom doen ze dat? Omdat het hen strategische voordelen oplevert:

  • Ze kunnen standaarden zo vormgeven dat ze goed passen bij hun eigen producten en ecosystemen;
  • Ze kunnen innovaties vertragen die hen bedreigen (denk aan privacyvriendelijke protocollen of alternatieve netwerken);
  • Ze kunnen zich positioneren als ‘poortwachters’ van innovatie en toegang, wat hun marktmacht versterkt.

Zo ontstaat een internet waarin de keuzes van een paar bedrijven gevolgen hebben voor miljarden mensen.

Wat betekent dit voor gewone burgers en kinderen?

Als gewone gebruiker merk je de gevolgen hiervan dagelijks – ook al zie je de techniek erachter niet:

  • Privacy: Als encryptie optioneel blijft of standaard uit staat, zijn jouw berichten, locatiegegevens of zoekgeschiedenis kwetsbaar voor spionage of misbruik.
  • Toegankelijkheid: Standaarden die alleen werken met bepaalde commerciële producten sluiten mensen met oudere apparaten of alternatieve systemen buiten.
  • Onderwijs en jeugd: Kinderen groeien op in een digitale omgeving waarin standaardinstellingen bepalen wat zij wél en niet kunnen doen. Denk aan automatische tracking, ‘default’ dataverzameling of verslavende algoritmes – ingebakken in de technische architectuur.
  • Vrijheid van meningsuiting: Als contentfilters (zoals client-side scanning) in standaarden worden vastgelegd, kan censuur op infrastructuurniveau plaatsvinden – vaak zonder democratische controle.

Kortom: internetstandaarden zijn niet neutraal. Ze zijn onzichtbare spelregels die bepalen wie toegang heeft, wie controle houdt, en wie profiteert. En zolang die spelregels worden geschreven door een kleine groep dominante spelers, is het publieke belang in het geding.

Daarom pleit ISOC NL voor open, inclusieve en democratisch gelegitimeerde standaardisatie – vóór een internet dat werkt voor iedereen.

ISOC NL trekt hierin al langer aan de bel

Zo werd in de open brief aan verkiezingsprogrammacommissies in 2023 nadrukkelijk opgeroepen om digitale infrastructuur – waaronder internetstandaarden – niet langer als louter technisch domein te beschouwen, maar als cruciaal publiek belang. In die brief stelde ISOC NL dat de ontwikkeling van protocollen, standaarden en normatieve kaders grotendeels plaatsvindt in internationale gremia die buiten het zicht van nationaal parlementair toezicht opereren. Hierdoor ontstaat een democratisch vacuüm: er worden wél technische keuzes gemaakt met verstrekkende maatschappelijke gevolgen, maar zonder dat burgers of beleidsmakers daar directe invloed op hebben.

Internet Standards Almanac: Who’s really shaping the internet? – (c) Article19

De brief pleitte daarom voor een bredere institutionele verankering van publieke waarden als transparantie, mensenrechten, soevereiniteit en duurzaamheid in deze processen. Bijvoorbeeld door actieve participatie van overheidsinstanties, toezichthouders en maatschappelijke organisaties in standaardisatiefora, en door het opnemen van internetstandaardisatie als expliciet thema in verkiezingsprogramma’s en regeerakkoorden. De huidige dominantie van enkele private partijen in deze processen vormt volgens ISOC NL een risico voor de pluriformiteit, toegankelijkheid en openheid van het internet.

Wetenschap als moreel kompas

Het gesprek verwees ook naar het diepgravende onderzoek van dr. Niels ten Oever, onder andere verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. In zijn proefschrift [Wired Norms: Inscription, Resistance, and Subversion in the Governance of the Internet Infrastructure] toont Ten Oever aan hoe technische standaarden nooit neutraal zijn: ze dragen sociale, juridische en politieke waarden in zich.

Ten Oever introduceert het concept van de infrastructurele norm – een impliciete maar dominante stelregel in internetgovernance dat alle keuzes ondergeschikt moeten zijn aan het ideaal van maximale interconnectie. Hierdoor stuiten pogingen om mensenrechten, dataminimalisatie of andere maatschappelijke belangen in te bedden vaak op weerstand. Zijn werk laat ook zien dat deze norm niet in regels staat, maar wordt geproduceerd via sociale processen: in mailinglijsten, technische discussies en informele netwerken tussen ingenieurs.

“Het internet wordt niet alleen door code gevormd, maar door wie die code mag schrijven,
Wetenschappers als Ten Oever helpen ons om die blinde vlekken bloot te leggen.”

Oproep aan de politiek
De maatschappelijke en geopolitieke urgentie is helder: als Nederland een stem wil houden in de digitale toekomst, moet het zich actiever positioneren in de ontwikkeling van internetstandaarden en infrastructuur.

ISOC NL doet daarom een dringende oproep aan parlementariërs, beleidsmakers en politieke partijen:

  • 1. Veranker open en inclusieve internetstandaardisatie in verkiezingsprogramma’s en coalitieakkoorden;
  • 2. Investeer in publieke kennisinfrastructuur en maatschappelijke deelname aan internetgovernance-processen;
  • 3. Zorg voor structurele en diverse aanwezigheid van Nederland in internationale fora zoals de IETF, ICANN en RIPE;
  • 4. Ondersteun onderzoekers, denktanks en initiatieven die publiek belang en mensenrechten in de digitale infrastructuur agenderen.

Want wie standaarden schrijft, schrijft in feite de spelregels van de digitale samenleving. En dat mag geen gesloten onderonsje zijn – dat moet een open, democratisch proces zijn waarin álle stemmen meetellen.


Internet Society Nederland
Voor een vrij, open en inclusief internet – voor iedereen.